Vrouwen, mensen van kleur, mensen met een handicap én kinderen moeten worden uitgenodigd om de openbare ruimte inclusief in te richten. Vaak is dat nog niet het geval. Auto’s mogen bijvoorbeeld onbeperkt snel optrekken of onbeperkt zwaar zijn. Zo creëren ze ontoelaatbaar gevaarlijke straten waar de jeugd niet veilig kan spelen. Maar ook meisjes, vrouwen en mensen uit de LHBTQIA+ gemeenschap voelen zich op straat vaak niet veilig. Waarom? Omdat hun perspectief simpelweg ontbreekt. 86% van de stedelijk ontwerpers nog nog altijd man, wit en cisgender. Die samenstelling kan en móet beter.
De liften van het openbaar vervoer moeten sneller gerepareerd kunnen worden door een standaard model lift aan te kopen dat door het GVB zelf onderhouden wordt. Alle haltes moeten goed toegankelijk zijn voor mensen met verschillende beperkingen. Verlichting moet overal aanwezig zijn en in de breedte schijnen zodat vrouwen goed overzicht hebben en niet verblind worden door plotse felle lichtbronnen, die een signalement of het zien van ogen moeilijk maakt door slagschaduw.
Fietsen die de stoep blokkeren moeten sneller worden weggehaald, door burgers of door handhaving. En auto’s mogen nooit meer stilstaan of parkeren op het fietspad, op straffe van inkomensafhankelijke boetes. Of je je aso gedraagt mag namelijk niet afhangen van je portemonnee en we willen mensen niet met onnodig hoge schulden opzadelen. Als ze hun gedrag maar aanpassen zijn wij blij.
Er komen meer openbare toiletten en die moeten ook werken. Het liefst zelfreinigend, zoals het nieuw geplaatste exemplaar in het Oosterpark. Vrouwen moeten ook meedenken over de straatverlichting en inrichting van pleinen, zodat vrouwen van alle leeftijd zich veilig kunnen voelen en wéten. Openbare ruimte is namelijk van ons allemaal!